Overheid kan dalende benzineprijs compenseren met accijnsverhoging

Foto: Syda Productions / Shutterstock.com / YT CC

De brandstofprijzen zijn vrijdag flink gedaald, waardoor de overheid inkomsten misloopt. Om het verlies voor de overheid te compenseren, moet minister Kaag van Financiën snel een accijnsverhoging doorvoeren.

Aan de pomp zijn de scherp dalende brandstofprijzen al merkbaar. Moest donderdag nog € 2,50 worden afgerekend voor een liter benzine, vrijdag was dat nog slechts € 2,49. Een flinke tegenvaller voor de overheid, want daardoor betalen consumenten over elke liter benzine minder btw. Alleen een forse accijnsverhoging lijkt de schade nog te kunnen beperken.

“Benzine is sinds vrijdag spotgoedkoop, als je het vergelijkt met donderdag”, zegt econoom Frans van Deuteren. “Minister Kaag zal iets moeten doen om het verlies aan inkomsten te compenseren. Een accijnsverhoging vindt niemand leuk, maar nu de benzineprijs onder de € 2,50 is gezakt, blijven er weinig andere opties over.”

Van Deuteren denkt dat automobilisten begrip hebben voor de accijnsverhoging: “Door de toegenomen dreiging vanuit Rusland zal het kabinet flink moeten investeren in defensie. Dat geld moet ergens vandaan komen. Bovendien begrijpt iedereen dat een benzineprijs van minder dan € 2,50 niet normaal is.”