De Amerikaanse president Donald Trump heeft besloten de Secret Service-beveiliging van voormalig vicepresident Kamala Harris in te trekken.
Dit besluit, bevestigd door het Witte Huis, komt op een opvallend moment, aangezien Harris binnenkort aan een promotietour voor haar boek begint, waarin ze haar verloren campagne voor de presidentsverkiezingen van vorig jaar beschrijft. Normaal gesproken krijgen oud-vicepresidenten zes maanden beveiliging na hun ambtsperiode, maar onder voormalig president Joe Biden werd Harris' beveiliging verlengd tot achttien maanden op haar eigen verzoek, vanwege bedreigingen die zij ontving. In augustus vorig jaar werd een man gearresteerd die had gedreigd Harris te vermoorden.
Beveiligingsexperts uiten zorgen over het wegvallen van haar bescherming, vooral gezien de spanningen en polarisatie in de VS en eerdere aanslagpogingen op politieke figuren. Eerder trok Trump ook de beveiliging in van andere voormalige functionarissen, zoals zijn oud-veiligheidsadviseur John Bolton en de volwassen kinderen van president Biden.