Beatrix: “Het kriebelt, maar ik probeer me er zo min mogelijk mee te bemoeien”

Foto: Bojan Milinkov / Shutterstock.com / Jeroen van der Meyde / RVD

“Ja soms, als ik hem zie stuntelen, dan moet ik me echt inhouden”, lacht prinses Beatrix. “Maar ik probeer me er zo min mogelijk mee te bemoeien. Zo’n jongen moet ook de kans krijgen om van zijn fouten te leren.”

Alleen voor onze fotograaf kijkt prinses Beatrix even op van haar puzzelboekje. Verder puzzelt ze gedurende ons hele gesprek door. “Sinds hij op de troon zit, is het land wel veranderd”, zucht ze na een lange stilte. “Surinamers staan te demonstreren op de Dam. Hoe noemen ze dat ook al weer? Black life makkers? In mijn tijd had je dat niet. Daar zorgde ik wel voor.”

Sinds haar abdicatie woont prinses Beatrix in Kasteel Drakensteyn, tussen Hilversum en Soest. Nog maar zelden komt ze in de openbaarheid. “Het is een schat hoor”, grinnikt ze. “Zoals vrijdag. Dat staat ‘ie daar hortend en stotend een heleboel onzin uit te kramen. Met een stalen gezicht hè? En achteraf belt ‘ie dan. ‘Mam, ik was op televisie! Heb je gekeken?’. Dan is hij zo trots als een pauw.”

“Maar verder houd ik me afzijdig”, vervolgt Beatrix. “Ja, behalve als het echt te gortig wordt natuurlijk. Zoals met die koloniale afbeeldingen op de gouden koets. Daar moeten ze vanaf blijven. Die zijn van mij. Schei uit zeg.”