
DAARLE - De politie en het OM hebben aangekondigd dat ze snelwegblokkades niet langer zullen gedogen. Dat zorgt voor grote onzekerheid op het platteland. Veel boeren vragen zich af of ze hun werk nog wel kunnen doen.
Melkveehouder Gerrit-Jan Wolbrink (56) uit Daarle ziet zijn jaarplanning in duigen vallen. “Het blokkadeseizoen begint bij ons eind september, na de maïsoogst”, legt hij uit. “In oktober de A1, in november de A28, en met een beetje geluk voor de kerst nog een keer knooppunt Azelo. Daar richt je je hele bedrijf op in. Dat kun je niet zomaar stilzetten.”
Generatie op generatie
Voor Wolbrink is het bovendien een kwestie van traditie. “Het recht van boeren om snelwegen te blokkeren wordt van generatie op generatie doorgegeven. Ik heb het van jongs af aan geleerd: je begint op de oprit, dan de vluchtstrook, en pas als je dat echt beheerst mag je de linkerrijstroken op. Dat vakmanschap gooi je nu zomaar weg.”
Overgangsregeling
Agrarische belangenverenigingen eisen een ruime overgangsregeling. “Deze mensen hebben geïnvesteerd in spandoeken, zwaailampen en omgekeerde vlaggen. Die kun je niet van de ene op de andere dag afschrijven”, zegt woordvoerder Harm Knegtering.
Het kabinet wijst erop dat demonstreren gewoon toegestaan blijft, zolang het maar geen gevaarlijke situaties oplevert. Bij Wolbrink valt dat verkeerd. “Op een grasveldje staan met een bordje? Dat kan iedere burger. Een boer hoort op de snelweg.”
De veehouder kijkt uit over zijn erf, waar drie trekkers startklaar staan voor een blokkade die niet meer komt. Wat hij morgen gaat doen, weet hij nog niet.

