
DEN HAAG - Koning Willem-Alexander heeft de Troonrede dit jaar op een vragende toon voorgelezen. De aanpassing was nodig omdat het kabinet-Jetten nog onvoldoende steun heeft voor de begroting. Door aan het einde van iedere zin een vraagteken te laten klinken, maakte de koning duidelijk dat het allemaal maar een voorstel is.
Om de begrotingsplannen daadwerkelijk te kunnen uitvoeren, is het minderheidskabinet van D66, VVD en CDA afhankelijk van oppositiepartijen. Een al te stellige voordracht van de Troonrede had ten onrechte de indruk kunnen wekken dat het kabinet daadwerkelijk beslissingen kan nemen.
Ook inhoudelijk was de Troonrede op enkele punten gewijzigd. Waar aanvankelijk stond dat de regering zal investeren in de toekomst van Nederland, zei de koning dat de regering benieuwd is hoe de aanwezigen denken over de toekomst van Nederland. De koning noemde pas concrete bedragen toen voldoende mensen knikten.
Na passages die gaan over gevoelige maatregelen liet de koning een korte stilte vallen. Dat gaf oppositieleden de gelegenheid om met hun gezichtsuitdrukking te laten weten dat de koning verder mocht lezen.



