In beken in Gelderland vindt momenteel een bijzonder onderzoek plaats naar de zeldzame beekprik, een prehistorisch visje dat sterk achteruitgaat in aantal.
De populatie is in de afgelopen vijftig jaar met de helft afgenomen. Wetenschappers nemen DNA af bij larven van de soort door een klein stukje van hun staart te verwijderen, een methode die hen geen blijvende schade toebrengt. Het opgehaalde DNA-materiaal wordt onderzocht aan de universiteit van Wageningen om inzicht te krijgen in de genetische diversiteit van de beekprikpopulaties.
Zo hopen de onderzoekers onder andere te achterhalen of er sprake is van inteelt. Mocht dat het geval zijn, dan zou het verbinden van geïsoleerde beken op de Veluwe mogelijk een oplossing bieden. Verder kijken experts naar manieren om de leefgebieden beter bereikbaar te maken, bijvoorbeeld door barrières zoals watermolens aan te passen, zodat de kwetsbare beekprik meer kans krijgt om te overleven.

