De door het Amerikaanse leger begin september aangevallen boot in internationale wateren nabij Venezuela zou mogelijk niet onderweg zijn geweest naar de Verenigde Staten, maar naar Suriname.
Dit bleek uit informatie die door twee bronnen binnen het Amerikaanse Congres werd gedeeld na een briefing van marine-admiraal Frank Bradley, die de aanval leidde. Volgens de briefing was het doel van de boot een ontmoeting met een groter vaartuig, waarbij drugs zouden worden overgebracht met Suriname als eindbestemming. Op 2 september opende het Amerikaanse leger het vuur op de boot omdat werd vermoed dat er drugs werden gesmokkeld naar de VS.
Kort daarna werd een tweede aanval uitgevoerd, waarbij twee overlevenden werden gedood. Deze nieuwe informatie zet het door de regering-Trump gebruikte argument om meerdere aanvallen uit te voeren onder druk, aangezien ook werd beweerd dat er sprake was van een acuut gevaar voor de VS. Admiraal Bradley stelde wel dat er nog steeds een mogelijkheid bestond dat de drugs uiteindelijk toch in de VS terecht waren gekomen.
De aanvallen hebben in de VS veel kritiek opgeroepen, vooral omdat het doden van schipbreukelingen wordt gezien als een mogelijke oorlogsmisdaad. Minister Hegseth van Defensie ontkende directe betrokkenheid bij de tweede aanval, maar steunt de beslissing van Bradley. De regering benadrukt dat de acties deel uitmaken van een bredere antidrugscampagne op zee.

